|
Rotterdam _ Een donker, bruinig hoopje slang ligt
loom opgerold in een bakje water, vooraan in het hoekje van een hoog
terrarium. Reptielenverzorger Edwin Verhoeven van de Dierenambulance
Rotterdam en Omstreken is er als de kippen bij om tekst en uitleg te
geven. Het betreft hier een regenboogboa, klinkt het. ,,En het zijn er
trouwens twéé,'' voegt hij er ongevraagd aan toe. Inderdaad, als je goed
kijkt, zie je twee kopjes in plaats van een. Om de temperatuur niet nóg
hoger te laten oplopen, is de lamp in het glazen hok uitgedaan.
Waar ze vandaan komen, luidt de vraag. Voorzitter Piet
van Berkel peinst een momentje. Zegt: ,,Uit een heel ver land. Dit zijn
zogeheten nakweekjes. We vangen ze hier na een huisuitzetting. Toen
kwam de deurwaarder met met vrachtwagens voorrijden, en bleek er een
aantal slangen in huis te zitten. En kregen wij dus de vraag of we die
dieren even konden parkeren.''
Een paar maanden is het reptielen- en
amfibieën-opvangcentrum in Lombardijen open. En heeft z'n waarde nu al
bewezen. Steeds meer mensen willen een exotisch dier in huis om - als zo'n
hebbedingetje niet meer bevalt - dat zo snel mogelijk weer van de hand te
doen. Ofwel het beest loslaten in een stukje bos of gewoon in de
achtertuin. Waarna een slang na verloop van tijd boven water komt, met
alle gevolgen van dien.
Levende konijen
Van Berkel: ,,Verleden jaar steeg het aantal gevonden
reptielen en amfibieën explosief. En het is nog lang niet voorbij. Ga maar
eens bij een reptielenwinkel kijken. Daar staan ze in de rij om er een te
kopen. De mensen hebben genoeg van katjes en hondjes. Het moeten nu aapjes
zijn, of wasbeertjes. Wat móet je ermee? Kinderen willen plotseling een
slang hebben. Maar weten ze dat die heel groot worden en dan levende
konijnen moeten eten?''
De dierenambulance - die geheel draait op donaties en
giften - zorgt voor de opvang van de ontsnapte of gedumpte dieren. Ze
worden ondergebracht in het houten gebouwtje vlakbij de Spinozaweg en
keurig verzorgd. Vaak hebben ze de meest wilde avonturen achter de rug en
dus behoefte aan een beetje rust. Zoals een prachtig, sneeuwwit exemplaar,
een ondersoort van de rattenslang. ,,Die hebben we veertien dagen geleden
uit de wc-pot bij een bakker gevist.''
Nee, dan de koningspython, die opdook in een badkamer in
Schiedam. ,,Die mensen wilden lekker gaan badderen en zagen die slang. Ze
belden ons op of we meteen een wagen konden sturen. Of ze geschrokken
waren? Nou, hoe zou jij reageren als er een python bij je door de
douche kroop? Deze slang is overigens niet gevaarlijk. We hebben hem
makkelijk kunnen vangen.''
Emmer
Bij een melding vragen de medewerkers van de
dierenambulance altijd hoe zo'n slang er uit ziet. Dan weten degenen die
het dier moeten ophalen waar ze aan toe zijn. Voorzichtigheid is geboden.
,,Wat we aan de mensen vragen is er een emmer overheen te zetten. Of de
slang te blijven observeren. Want ze hebben vaak maar een klein kiertje
nodig om te ontsnappen. En dan blijf je met de angst zitten: als die slang
vanavond maar niet opduikt in m'n bed!''
Twaalf logees heeft de opvang nu. Elf slangen en één
vuurbuiksalamander. Liefdevol tilt penningmeester Joke Boot het diertje
uit z'n doorzichtige verblijf, waar hij het rijk alleen heeft. Van boven
is het beestje bijna zwart, maar de onderkant is felrood, met donkere
stipjes. Er zijn al leguanen en pijlgifkikkers op visite geweest. Zodra er
een adres voor de dieren is gevonden, gaan ze weer weg. Mocht dat niet het
geval zijn, is de dierentuin nog een optie.
Van Berkel: ,,Vorige week zondag kregen we een
telefoontje. Er zat een slang van ongeveer een meter in de put. Gingen we
kijken. Bleek het een naaktslak te zijn. . .''
Het telefoonnummer van het reptielen en amfibieën
opvangcentrum is 4321105. |